Archief voor augustus, 2011

Wereldreiziger

Geplaatst op: 24 augustus 2011 door margogogo in Beeldmateriaal, KSA

Vorige zomer zijn we gaan kamperen in Laugharne South-Wales, in de krokusvakantie eerder dit jaar verbleven we een week in het Franse Pont-St-Esprit in d’Ardeche en de eerste week van juli trakteerden we onszelf op een weekje in het Duitse Sauerland.

Een mens zou zo nog verslaafd geraken aan het verkennen van Het Grote Buitenland.

Vandaag heb ik urenlang op het wereldwijdeweb rondgehangen, voor de lol gewoon wat zoekend naar ideale reisbestemmingen die ik dan -ook voor de lol- op mijn To-Visit lijstje pleurde, inclusief uitleg en foto’s.

Ik ben zowaar in vakantiestemming en ik moet verdomme morgen gaan werken!

Afijn, de lijst is lang. Heel lang. Ik zou graag morgen op pensioen gaan. En een dik vet ministerpensioen of jaarlijks een koningsdotatie trekken. Dan zou ik overmorgen vertrekken en op mijn gemak mijn lijstje afwerken. Misschien rijg ik alle bestemmingen wel aan elkaar. Dan ben ik terug over een jaar of 10. Op mijn 53ste. Uhm.

Ik droom te veel, vrees ik.

Je zou het misschien niet direct zeggen maar ik ben eigenlijk geen echte avontuurlijke reiziger. Een echte maakt lange reizen naar hele verre landen. I do not. Voor mij moet een weekje volstaan. Van moetens. Ik zou liever eens voor drie of vier of vijf weken ergens gaan rondtrekken, het mag zelfs nog langer zijn, ware het niet dat dat onmogelijk is wegens het ellendige feit dat ik godverdomme maar 16 dagen congé heb in een jaar. Ik mag de rest van het jaar mijn kas afdraaien in ruil voor 1/3de van het maandloon waar ik eigenlijk, net als u en u trouwens, recht op heb. Aaarrggghh! Ik word hier precies een beetje depressief.  Ach ja, we zullen er ons moeten bij neerleggen; het is duidelijk dat ik mijn lijstje pas afgewerkt zie tegen de bezadigde leeftijd van 108. Die ik niet zal halen.

Ik ben een realist, ik.

Omdat het niet anders kan houd ik het dus bij kleine reisjes van een of maximum 2 weken. Die mogen in ieder geval ver weg zijn maar ik houd het bij voorkeur toch bij landen waar het comfortabel westers aanvoelt.  Daarmee bedoel ik dat er enorm veel landen zijn waar ik met geen stokken naartoe te krijgen ben, al zou het me gratis aangeboden worden en krijg ik er nog een grote hoop geld bovenop. Zo die Islamitische,  Arabische,  Aziatische, Noord-Afrikaanse en soortgelijke landen kunnen me echt niet boeien. Op TV wel, heel erg. In documentaires. Verder voel ik werkelijk geen enkele behoefte om zelf in die landen te gaan rondhangen.

Ik ben al eens over mijn/die grenzen geweest, vandaar dat ik weet dat niet-westerse landen me niet liggen.  Neem nu Turkije: been there twice, done that twice, hated it twice. Die mannen springen als strontvliegen op elke toerist die ze tegenkomen, en als je dan nog eens roodharig bent met een melkfleswitte huid, dan ben je al helemaal een rariteit die ze met hun vuile fikken denken te mogen betasten. De-gou-tant. Of  Hong-Kong: daar verbleef ik ooit per toeval 2 weken, ergens in de beginjaren ’90, en daar was het overbevolkt plakkerig chaotisch druk snikheet en kleverig . En het stonk daar overal. Me do not like.  Verwondert het u dat _ik zeg maar iets_ Thailand, Saoudi Arabië en Indië niet op mijn to-visit lijstje staan?

Ik denk dat het mij in die landen op té veel vlakken té anders is dan mijn eigen vertrouwde cultuur. Ik doe niet graag aan cultuurchocks, vermoed ik.  Houdt dat steek?

Dit alles brengt me naadloos naar de periode van 12 tot 16 augustus jongstleden, tot op de plaats van ons jaarlijks kampweekend in Dardennen alwaar menig fotootje werd gekiekt ter bewijslegging.

Als dat geen subtiele overgang is!

Grotere foto’s? Click on it.

Advertenties

Neurootmalloot

Geplaatst op: 23 augustus 2011 door margogogo in Lijf en leden

Het was toen ik dit blogstukje las bij AppelMoose dat ik er ineens weer aan dacht. Ik heb mankementjes in mijn kop.

Moose schrijft over ene professor Oliver Sacks en over zijn boeken waarin hij het heeft over de menselijke kant van neurologische afwijkingen.

Ik durf te vermoeden dat dat professorisch heerschap ook wel een naam zal hebben voor wat ik mankeer in mijn hoofd.

Of ik een vijs mankeer? Ach kom, dat is toch gewoon beeldspraak; een mens hééft geen vijzen in zijn hoofd. Tenzij het een mens betreft die een scheldbreuk heeft opgelopen ­_door zijn eigen lompigheid of door een ongeval, dat laat ik in het midden­_ bij wie er chirurgisch een paar vijzen dienden te worden aangebracht om zijn schedel terug aan elkaar te zetten. Of zo.

Maar we wijken af.

Ik heb dus mankementjes in mijn kop. Volgens mij werkt de helft van mijn neurologische bekabeling in ploegen. De andere helft werkt op nachttarief of is pertinent in congé.

Zo valt het al wel eens voor dat ik tekenen van voortijdige dementie vertoon tijdens een autorit. Dan moet ik me, op weg van A naar B, efkes aan de kant zetten en me heel erg concentreren om me te herinneren waar ik eigenlijk naartoe aan het rijden ben. En als het me dan te binnen schiet moet ik weer heel diep nadenken over de weg die ik moet nemen om daar te geraken. Terwijl het doorgaans nochtans om een plaats gaat die ik weet zijn.

Ik heb zo eens drie kwartier hangen rondrijden in een heel klein dorpje, op zoek naar de woning van smurf zijn papa. Ik was daar al tientallen keer geweest en toch kon ik het niet vinden. Ik reed straten in en uit, herkende wel vanalles, maar ik had geen idee meer waar zijn huis stond ten opzichte van al die straten en de dingen die ik herkende.  Ik heb mijn gewezen echtgenoot toen moeten bellen… stond ik in een zijstraat op 100 meter van zijn huis.

Dat is toch niet normaal? Er hapert daar ergens een transmitter of 1254038, me dunkt.  (gelukkig valt dat nu niet meer voor dankzij mijn beste vriend Jeanke(*) die voortaan altijd bij me is)

Wat ik wel heb is niks van oriëntatievermogen. Mijn richtingsgevoel is verschrikkelijk nihil. Zo komt het zo nu en dan eens  dikwijls  meestal voor dat ik in een winkelstraat wandel, er halfweg een winkel binnenstap, die winkel terug buitenkom en weer dezelfde richting uitstap van waar ik gekomen ben. Zonder het door te hebben.

Of dat ik in een straat rijd en diezelfde straat totaal niet meer herken als ik ze in de andere richting neem.

Of dat ik in een restaurant of café naar 2C ga en na de behoeftegedaanhebbing niet meer weet langs waar ik daar geraakt ben om dan half verdwaald rond te zoeken naar het tafeltje waar men weer zit te gieren om mijn aangeboren gebrek aan richting- en plaatsbepaling.

Hoe zouden die mankementjes noemen? Zou Oliver Sack daar een naam voor hebben?

Zijn er hier toevallig mensen die zich hierin herkennen? Zoja, zou je dat dan efkes willen melden als het u belieft?Het zou mij echt waar deugd doen mocht ik vernemen dat ik niet de enige ben die zichzelf soms een neurotisch lomp geval voelt.

 

(*) Jeanke is de stem van mijne GPS

2 x kut

Geplaatst op: 21 augustus 2011 door margogogo in Het leven zoals het is: realiteit., Moto, Pech onderweg

“…later werd mijn moto veilig en wel afgezet aan de moto-garage dicht bij huis”, schreef ik in mijn vorige blogstukje.  De technieker had me beloofd dat mijn moto nog voor het weekend hersteld zou zijn, hij zou me bellen als hij klaar was.

Dit weekend was min of meer gepland: we zouden vrijdag naar Pukkelpop gaan en de rest van het weekend zouden we met de moto gaan toeren met z’n vieren.

We hadden vele maanden geleden tickets voor Pukkelpop gekocht als verrassing voor onze zonen van 12 en 15; zij zouden voor de eerste keer de sfeer van een groot muziekfestival ervaren en best van al; ze zouden hun grote idool Eminem live zien op de Main Stage.

Donderdagavond vernamen we het nieuws van het verschrikkelijke drama dat zich die avond op Pukkelpop had afgespeeld. De artikels die we lazen en de foto’s en beelden die we zagen bleven op ons netvlies inhaken…de goesting om ’s anderendaags op diezelfde festivalweide te moeten staan verdween als sneeuw voor de zon.

Met welk gevoel zouden we daar rondlopen? Hoe zouden we van de muziek kunnen genieten wetende wat een ramp er zich daar de dag voordien had voltrokken? Hoe down zou de sfeer daar niet zijn?

We bleven het nieuws op de voet volgen via alle mogelijke kanalen.

Vrijdagochtend waren we nog steeds zwaar onder de indruk. Gezien de zware balans van 5 doden en tientallen zwaar- en lichtgewonden konden we ons meteen verzoenen met de beslissing van de organisatie om het festival af te gelasten. Dat was de meest humane beslissing, ik kan me niet inbeelden dat iemand daar niet volledig achter zou staan.

Onze plannen werden herzien; mijn lief had zich tenslotte een dag verlof gepakt, die zouden we niet verloren laten gaan. Het zou onze gedachten ook wat verzetten als we vandaag een grote motorit zouden maken. Het was enkel een kwestie van tijd, tot de garagist me zou bellen dat mijn moto klaar was en afgehaald kon worden.

Rond 14u ging mijn GSM. Het was de garagist.

“het spijt me maar we hebben enorme schade gehad door het stormweer van gisteren. De brandweer heeft met 4 zware pompen de werkgarage leeggepompt…toen zagen we de werkelijke ravage…er zijn een heel pak moto’s en brommers zwaar gehavend van het water…die stonden allemaal in de garage…er zijn 3 klanten wiens moto’s schade hebben…de jouwe is daarbij…”

“hoe bedoel je?” vroeg ik alsof ik niet begreep waarover hij het had.

“je moto stond aan de ingang van de garage, klaar om te herstellen. Er is een buitenmuur omgevallen door de zware regenval, de werkgarage stond in 10 minuten tijd anderhalve meter onder water. Jouw moto is omgevallen door de druk en heeft een hele tijd onder water gelegen… er komt inspectie…misschien is hij perte total, dat zal de verzekering moeten uitmaken…het spijt me verschrikkelijk dat ik je dit moet melden…”

Uiteraard is dit enkel materiële schade en is dat niks vergeleken met de ellende en het verdriet waar de families van de Pukkelpop-slachtoffers mee te maken hebben, maar toch voelde het op dat moment ook wel een klein beetje kut. Echt kut.

Pech onderweg. Alweer.

Geplaatst op: 18 augustus 2011 door margogogo in Pech onderweg

Dat beetje zenuwen bij het vertrek bleek onnodig. De motorit van 180 km van Haaltert naar Dardennen was mega plezant en ging geweldig vlot. Samenrijden met een groepje motards…het heeft wel iets, ja. Mijn bochtenwerk was wel wat minder…soms had ik het gevoel dat mijn moto met mij reed, ik leek hem niet helemaal onder controle te hebben. Vooral in de bochten.

“Het zal wel aan mij liggen”, dacht ik, “ik ben tenslotte nog een beginneling”.

We waren om 18u30 vertrokken bij mij thuis. Beetje aan de late kant, zo bleek. De avond was al gevallen toen we de oprit van de kampplaats opreden. In het donker op kronkelende weggetjes door een bos rijden is behoorlijk benauwlijk, durf ik bekennen. Ik zag geen meter voor me uit. Gelukkig waren het de laatste kilometers en zijn we er alsnog goed geraakt. We smolten meteen samen met de rest van de vrienden die eerder al met diverse auto’s waren gearriveerd; ook smurf en onze valiezen waren al ter plaatse. We pakten uit, installeerden ons bedje en gingen samen met de bende de eerste nacht in met redelijk zwaar pintelieren en het oprakelen van waanzinnige en vooral vettige verhalen over onze apenjaren.

Na ons roes te hebben uitgeslapen kropen mijn lief en ik de moto op en genoten volop van de vele bochten doorheen het magnifieke Ardense landschap.  Toen we op de terugweg even wisselden van moto _voor de lol_ leek het me alsof mijn lief zijn moto veel soepeler reed. Er was geen enkele bocht waar ik moeite mee had, ik nam ze allemaal zelfzeker en beheerst, ging nergens in de fout.

“Het zal wel aan mij liggen”, dacht ik alweer.

De dag erna vertrokken we voor een grote toer; we zouden er een ganse dag opuit trekken met ons twee. Het verschil in rijcomfort met mijn lief zijn moto vond ik nog steeds enorm groot, vooral in de bochten.  Het was niet iets wat ik mij inbeeldde want na een kilometer of 10 ging het mis.

“OMG, WTF is me dat hier?!”.  Ik durfde echt niet meer verder rijden en hield halt aan de kant van de weg.  Mijn lief reed voorop en had niet meteen door dat er iets scheelde. Ik raapte alle moed bijeen en reed toch nog een stukje door, heel traagjes, met een ei in mijn broek. Mijn lief had intussen in de gaten dat ik ver achter was gebleven en kwam me tegemoet gereden.

“Awel meiske, wat is’t?”

“Er is iets mis met mijne moto, aan de achterkant. ‘k Peis da’k platten band heb of iets”

“Efkes zien…baneejong, uwen band staat nie plat”

“En toch is er iets serieus mis. Er zit een abnormale knik in het achterwiel en dat maakt een kletterende geluid van ijzer op ijzer… ’t is echt bangelijk…ik durf niet meer verder rijden”

“Rijd eens efkes heel traag vóór mij, ik zal eens kijken of ik iets zie…Wo how, stop maar, dat wiel slaat van hier naar daar! Daar kunt ge niet mee verder rijden!”.

“Ziedetwel dat ’t nie aan mij ligt da’k mijn bochten nie goed kan pakken! Met nen andere moto gaat dat wel goed, da kon gewoon nie anders dan dat er met de mijnen iets nie just was! Ik wist het!” riep ik met een ietwat overdreven zelfgenoegzaamheid.

Het beste was om rechtsomkeer te maken en terug te rijden naar de kampplaats.  Vrienden motards constateerden daar al gauw dat het roulement (kogellager) van het achterwiel was afgebroken. Slijtage. Kan gebeuren. Moet vervangen worden.

Ja lap, en now what? Het was zondag dus alle garages waren gesloten, en de dag nadien was het een hoogdag, dat was al net hetzelfde.  Hoe krijg ik mijn moto terug thuis?

Gelukkig was 1 van de vrienden met z’n camionette gekomen en paste mijn moto daar perfect in. Hij werd ingeladen en met spanriemen stevig vastgemaakt. Op ’t eind van het kamp werd hij veilig en wel afgezet aan de moto-garage dicht bij huis.

Mja, het was best ambetant en jammer dat mijn moto buiten dienst was voor de rest van het kampweekend, maar ik ben verdorie toch content dat dat roulement niet afbrak tijdens een toertje in m’n eentje ergens in the middle of nowhere.

I’m off 2 elsewhere

Geplaatst op: 12 augustus 2011 door margogogo in Vakantie

Vandaag ben ik begonnen aan 10 volle dagen vakantie. Zo vrij als een vogelken voel ik mij, hoe zou je zelf zijn.

De eerste dagen zijn alvast ingepland: vanavond rijden we met de moto naar Dardennen, naar een dorpje in de buurt van Durbuy.  Als beginneling motard zal ik scheetjes laten denk ik, want ik rijd samen met mijn lief en een paar kameraden op met de moto, voor de eerste keer een trek van zo’n 190 km. Als dat maar goed komt.

Onze eindbestemming is de Gîte d’étape de Villers-Saint-Gertrude waar we dit jaar ons ‘kampweekend’ met de oud-leiding KSAzullen doorbrengen. We zijn met een bende van zo’n 40 man, kinderen inbegrepen, dus qua gezelschap zit dat goed.  Als het weer nu nog een beetje zou willen meezitten dan zou het wel eens een heel fijn verblijf kunnen worden.

Het moet bij lange geen 30 graden worden, we zijn al wreed content als het droog blijft. Vooral voor de kinderen zou dat plezant zijn, zodat ze buiten kunnen ravotten op het grote terrein rond de gîte. En voor de groten is het uiteraard ook veel toffer als het niet regent, zodat we met z’n allen het bos kunnen intrekken en gaan mountainbiken en ritjes met de moto kunnen gaan doen.

We zullen moeten afwachten hoe de weergoden hun muts staat. Zo op het eerste gezicht ziet het er naar uit dat die nog wat vochtigheid op stock hebben en dat ze dat nog met heel veel gemak over ons uit gaan gieten.  Ik kijk nu naar buiten en zie herfstweer: het is donker en grijs en het regent. Damn!

Verdekke, straks vertrekken we, tegen een uur of 6. Zouden de gelovigen onder jullie eens een beetje willen bidden voor goed weer alstublieftdankuwel?

En nu doe ik hier de boeken toe. Tot volgende week!

 

 

 

Beter een brok dan een brijzeling

Geplaatst op: 11 augustus 2011 door margogogo in Het leven zoals het is: realiteit.

Ik werk in de textielsector. In kleding. Merkkleding. Dure merkkleding. Schandalig dure merkkleding.

Het Amerikaanse bedrijf waar ik voor werk heeft een financiële motor in ons land; een raderwerk van boekhoudkundige cellen alwaar de financiële papiermolen voor Europa becijferd en berekend en verwerkt wordt tot duidelijke en properkes gebundelde cijfertabellen.

In dat raderwerk ben ik al bijna 12 jaar een heel klein meedraaiend tandwieltje. Ik zit daar goed op dat kantoor, heel goed zelfs. Een toffe job met veel variatie tussen jonge mensen en zo vanalles.

Maar, ook al werk ik er graag, ik ben tegelijk ook wel behoorlijk teleurgesteld in het bedrijf waarvoor ik werk.

Omdat mensen met een maatje meer geen kleding van dat merk kunnen dragen. Er zijn zoveel werknemers die niet vallen onder de noemer slanke deerne. Velen zijn wel degelijk iets volumineuzer dan een asperge, en die vallen allemaal uit de boot. Zij kunnen hun eigen merk niet eens promoten omdat er doodgewoon geen productie is voor grote(re) maten.

Ik vind dat erg. En spijtig. Vooral erg, toch.

Dat ruikt verdacht veel naar discriminatie voor de overgrote meerderheid der westerse bevolking, of is dat mijn gedacht? Bij mijn weten is de doorsnee mens net iets molliger dan een snijboon, en toch is het vooral tot asperges en snijbonen dat het merk zich richt.

Neem nu mezelf. Ik ben zelf een beetje breed uitgevallen. Ik zou mij _personeel zijnde_ met een ferme personeelskorting voor een heel schappelijke prijs kleding kunnen aanschaffen bij mijn werkgever. Maar ik kan van dat voordeel geen gebruik maken omdat de maten enkel geschikt zijn voor poppemiekes, fotomodellen en mannequins.

Dat is toch niet fair?

Ik vind dat zelfs vernederend, in a way.

Love & Marriage

Geplaatst op: 10 augustus 2011 door margogogo in Actueel, Het leven zoals het is: realiteit.

Hoe komt het dat er tegenwoordig meer scheidingen zijn dan huwelijken?

Ik heb daar zo mijn eigen visie over en zal die hier eens eventjes uit de doeken doen, zie. U hoeft het niet met mij eens te zijn, dit is geen startsein om te gaan redetwisten want daar doe ik niet aan. ’t Is maar dat u het weet.

In vroegere generaties zorgde het vastgeroeste rollenpatroon voor een iets of wat deftig uitgebalanceerd ‘relatie-evenwicht’. Zij had de taak om te dienen, te zorgen en te zogen, hij ging uit werken en zorgde voor brood op de plank. Uit elkaar gaan was geen optie, ook al sloeg hij haar verrot. De kerk speelde daar toen nog een hele vieze rol in. De kerk was oppermachtig en indoctrineerde den mensch met de overtuiging dat uit elkaar gaan zware zonde en des duivels was.

Latere generaties werden wel wat soepeler in dat opzicht, maar nog steeds kon de vrouw onmogelijk van haar man weg, ook al sloeg hij haar verrot. Moeder de vrouw onderging in die tijden haar lot, want waar kon ze heen? Ze was financieel afhankelijk van haar man, ze had geen middelen om een andere keuze te maken. 

De mannen van vroegere generaties zouden het knap lastig hebben in deze tijd waarin de vrouw zelf mag denken en doen. Wat ik me afvraag: waarom gingen mannen vroeger niet weg ging van hun vrouw als ze haar haar beu waren? Hij was de kostwinner en was vrij om te gaan en te staan waar hij wou wanneer hij wou, toch? Waarom bleef hij dan bij haar? Of was het eerder een kwestie van zij mag bij hem blijven? Zij kon immers toch geen kant op, ze hing vast aan hem, en hij had de macht om haar als gratis dienstmeid tot zijn beschikking te houden. Was dat de reden? Zoiets in die aard?  Ik had dat graag zo eens rondgevraagd aan mensen van die vroegere generaties, maar ja, die zijn allemaal al een beetje dood nu, dazaldusnimeergaan.

Enfin, die tijden zijn gepasseerd, gelukkig.  We zijn anno 2011; een tijd waarin de scheidingen niet meer te tellen zijn. Hoe komt dat? Hoe komt het dat er meer gescheiden wordt dan getrouwd tegenwoordig?

Ik heb daar een tweeledige ofte tweedelige visie over en wil die met graagte met u delen. U hoeft het niet met mij eens te zijn, dit is geen startsein om te beginnen redetwisten, want, zoals u weet, daar doe ik niet aan.

Ten eerste heeft de kerk heel wat aan macht ingeboet. Allez, bij ons toch, want er zijn helaas nog werelddelen waar een of andere idiote geloofsovertuiging nog steeds hoogtij viert, en waar men al wat met religie te maken heeft nog steeds aanwendt als excuus voor haat en oorlog en discriminatie en ellende en wat is’t nog allemaal.

Bij ons moet ge al van wat verder komen om nog te handelen volgens de richtlijn van ‘dekerkheefthetgezegd’. Uit elkaar gaan is geen zonde of des duivels meer. We hebben allang ondervonden dat we niet in het hellevuur terechtkomen als we uit elkaar gaan. In tegendeel, we ondervinden meer en meer dat we na een scheiding met gouden lepeltjes in de rijstpap staan te roeren daar hoog in den spreekwoordelijken hemel.

Ten tweede heeft het ook (of vooral) te maken met het feit dat de vrouw heel wat aan vrijheid heeft gewonnen. Vergeleken met vroeger is dat toch een geweldig groot verschil, zeg zelf.  Vrouwen mogen en kunnen nu ook gaan werken. Ze verdienen zelf de hesp en de kaas op hunne smos. Daardoor hebben ze nu ook de mogelijkheid om keuzes te maken in hun leven. Ze hebben de nodige moed en vrijheid en middelen om het af te bollen als manlief hen verrot dreigt te slaan.

Wat zou het geven mochten de mannen van vroeger ineens in deze tijd terechtkomen? Stel u voor, zo ne jonge gast van 30 uit het jaar 1879. Die zouden massaal aan zelfdoding doen, vermoed ik. Ze zouden ineens niet meer ongestoord hun gangen kunnen gaan, ze zouden nu moeten rekening houden met de vrouw aan hun zijde want zij kan ten allen tijde van hem weggaan, en dan staan ze daar alleen met hun molekens. Hij zou haar niet meer tegen haar wil kunnen vasthouden in een huis waar zij zich niet veilig of geliefd meer voelt.  Die mannen zouden nogal geen klein beetje hun wijf in de verdoemenis vloeken.

Pas op, ik weet dat ik hier heel scherp door de bocht ga met dat herhaaldelijk aangewende zinnetje ‘dat de man zijn vrouw verrot slaat’. Ik neem dat maar als leidraad, als weerspiegeling van allerlei vormen van ‘niet meer zo wreed veel houden van’. Een goed verstaander had dat allang door.

Anno 2011 dus. Er wordt tegenwoordig enorm veel aan scheiden gedaan. Een mens zou zich beginnen afvragen why the hell koppels nog in het huwelijksbootje willen stappen.  Het is inmiddels toch zo klaar als een klontje dat trouwen geen garantie biedt op een levenslang gelukkig leven samen? Waarom gebeurt dat dan nog eigenlijk feitelijk?

Is dat omdat men dat sowieso toch 1 keer in z’n leven wil meemaken? Is dat omdat ze iemand anders daar een plezier willen mee doen? Meme en pepe of tante nonneke? Is dat omdat je elkaar een schone dure ring om de vinger wilt schuiven als bewijs van uw liefde? Is dat omdat men een koppel pas echt voor vol aanziet als dat met Chinese inkt is opgeschreven en ondertekend in een speciaal boekje?  Is dat omdat je elkaar pas “mijn echtgeno(o)t(e)” moogt noemen als een bevoegde gemeentelijke ambtenaar van dienst de woorden “en nu verklaar ik u man en vrouw” heeft uitgesproken? Of is het omwille van fiscale en andere voordelen dat men zich contractueel aan elkaar verbindt in goede en kwade dagen tot de dood hen scheidt?

Eender om welke reden dan ook, ik vind het geweldig gedurfd om in deze tijden nog te trouwen. En voor de kerk trouwen vind ik persoonlijk al helemaal te zot. Wie wil er zich nu nog een keer bewust officieel aansluiten bij zo’n sekte die bol staat van leugens, verderf en vetzakkerij?  Mij maak je echt niet wijs dat men dat doet uit geloofsovertuiging. No way.

Iedereen doet wat hij wil, uiteraard, wie ben ik om daar iets tegen te hebben. Ik ben trouwens zelf getrouwd geweest, en dat was ook om al die redenen waarbij ik mij nu pas, 15 jaar later en ouder en wijzer, bedenkingen maak. Ik durf zelfs luidop te zeggen dat mijn trouwdag de mooiste dag van mijn leven is geweest. En nu gij.

Maar nu zou ik niet meer trouwen. Omdat ik weet dat je ja-woord geven in wezen eigenlijk slechts een momentopname is. Omdat ik ondervonden heb dat niets daarvan enige garantie biedt op lange termijn. Omdat ik weet dat het een resem erg zware beloftes zijn die je elkaar maakt. Je meent ze oprecht op dat moment, maar het is al te dikwijls gebleken dat op zo’n beloftes ook een vervaldatum staat.

Je meent het allemaal maar er is geen mens die op voorhand zijn toekomst kan inschatten. Je hebt geen vermoeden van wat er allemaal kan gebeuren door de jaren heen. Er gebeurt vanalles in een mensenleven, de mens zelf verandert continu. Situaties, gebeurtenissen, dingen die je niet zelf in de hand hebt stellen een relatie danig op de proef. Ik vind het niet meer realistisch dat men zichzelf nog zo hoog inschat dat men denkt dat je alles samen als koppel zal aankunnen.

De natuur laat zich niet dicteren, op geen enkel vlak. Verliefd, verloofd, getrouwd, gescheiden. Vele mooie bouwwerken van huisje-tuintje-kindje vallen als kaartenhuisjes in elkaar.

Is de mens überhaupt wel in staat om een heel leven bij 1 zelfde partner te blijven?