Het is zoals met alles, ook relaties kan en mag je niet over één en dezelfde kam scheren. Toch kan je niet ontkennen dat er vele koppels uiteengaan zodra er een kind is. Kijk gewoon eens rond in je omgeving, daar zijn echt geen statistieken voor nodig.
Het kind op zich is uiteraard niet de oorzaak, dat zou nogal grof zijn. Het is alles eromheen. De impact, zoals ik het noem.
Al ben je nog zo’n fijn koppel, al is de fundering uitstekend en stabiel, ook al is de liefde voor elkaar groot, en het respect en al die andere zaken die een relatie hecht maken, toch komt al dat moois in het gedrang van het moment dat je niet langer met z’n twee bent.
Vooral de beginjaren met een baby en peuter zijn moeilijk, voor ieder koppel. Wie beweert dat de babytijd een heerlijke tijd is, die raaskalt en is niet eerlijk met zichzelf. Er zijn heerlijke moménten, dat klopt, als de baby slaapt bijvoorbeeld of als hij aan de borst ligt of zijn papje gretig leegtuttert. Dat zijn prachtige momenten waar je als ouder van geniet.
Maar die momenten worden steevalst verdrongen wanneer baby je ’s nachts 5 keer wakkerkrijst en overdag ook voortdurend om aandacht schreeuwt. Hoe heerlijk vind je dat? Je bent gewoon óp en leeg op ‘t eind van de dag. En dan ga je lekker slapen want je hebt je nachtrust o zo nodig maar alweer wordt die 5 keer verstoord door baby’s vraag om eten. En zo gaat dat door, en door, en door.
Rozegeur en maneschijn? Tarara. Wees gewoon eerlijk en geef toe dat je babylief op een gegeven moment wel eens tegen de muur zou kunnen keilen.
De papa’s gaan doorgaans gewoon verder met al hun bezigheden. Hun leven staat niet zo heel erg op z’n kop. Een baby is een surplus, een verrijking, een ongelooflijk vertederende ervaring. Na drie dagen gaat hij terug aan het werk, komt thuis en kijkt vertederd naar zijn bloedje. Ooooh, wat lief toch. En zo lekker ruiken en mooie kleertjes aan…
Pas op, ik wil absoluut niet beweren dat de papa geen steun kan zijn, ook hier wil ik niet veralgemenen. Er zijn ook mannen die dat zogende en zorgende van nature in zich hebben. Maar hoe je het ook draait of keert, doorgaans heeft moeder de vrouw het het zwaarst te verduren, zij offert veel van zichzelf op. Niet tegen haar zin, ze zorgt gráág voor de baby, laat dat duidelijk zijn. Meestal toch. Dat zijn de hormonen die dat moederinstinct sturen. Dat kleine mensje heeft immers 9 maanden in haar lichaam vertoefd, het is daar gegroeid van een dode fractie van een millimeter tot een gemiddeld 50 centimeter groot mensje met alles erop en eraan.
Niet alleen de hormonen drijven de mama om baby te verzorgen, het is ook haar táák. Ze krijgt immers 3 volle maanden de gelegenheid om fulltime te doen wat er van haar wordt verwacht.
Wat houden die verwachtingen in? Zorgen dat het huis proper is, dat er lekker eten op tafel komt, dat de was en de plas en de strijk gedaan is én dat baby op tijd verschoond, verzorgd en gevoed is. Als je weet dat de hormonen na de bevalling nog maanden nawerken voordat ze terug op hun plaats zitten, kan je misschien inbeelden dat dat allemaal niet evident is.
Maar het is zo geregeld en je moet als vrouw doen wat je moet doen. Vanaf je geboorte als vrouw heb je het al vlaggen, je functies en programma liggen al vast. Je weet wat van jou verwacht wordt, je ziet het van je eigen moeder. Haar taak wordt sowieso de jouwe.
Wie spreekt dat tegen? De mannen wellicht, in stereo.
“Jamaar, wij gaan wel gaan werken”… Aha, en wij zitten de hele dag op onze luie krent, 3 maanden lang.
De evidentie dat de vrouw zoveel taken op zich neemt, is dat niet de grootste boosdoener in vele relaties. Vooral als er kinderen zijn. Het takenpakket is een ongeschreven wet die moet nageleefd worden.
Mannen hebben zo geen vastgelegde wetten. Ze zetten de vuilnis buiten, ze rijden de poulouse kort, zorgen eventueel voor de financiën en helpen een handje met de afwas. Andere dingen zal hij misschien ook wel eens doen, als het hem keurig, netjes, niet op een zaagtoon en vooral niet te dikwijls gevraagd wordt. En dan wil hij applaus, en bevestiging.
Ik ben niet blij dat ik als vrouw geboren ben. Ik heb dat zogende, zorgende en het housekeepingmanagement wel volledig onder de knie maar het gaat niet zomaar vanzelf. Ik heb er meestal een grondige hekel aan. Net zoals een man er een grondige hekel aan zou hebben mocht het van hem als een evidentie verwacht worden.
Vroeger ging de man uit werken en bleef de vrouw thuis voor de kroost en het huishouden. De rollen waren echt zuiver op de draad ingedeeld, toen werkte dat nog, omdat ze niet beter wisten. Maar ik zou ze niet graag eten geven, de vrouwen die het liever anders hadden gehad.
Anno 2008 is dat allemaal serieus veranderd. De vrouw gaat nu ook uit werken (vandaar die ellenlange files overal) en er is opvang voor de kinderen. Zij bouwt haar eigen sociaal netwerk uit en is financieel niet meer afhankelijk van de man (vandaar zoveel scheidingen, de vrouw kan nu alleen verder).
So far so good, maar hoe zit het met het rollenpatroon die in vorige generaties van toepassing waren, toen de man de enige kostwinner was? Op dat gebied is er niet te veel veranderd. De man doet waar hij zin in heeft, de vrouw zorgt dat het huishouden gedaan is en de kinderen proper en netjes de deur uitgaan.
Ok, ja, door de valse nieuwe term “de nieuwe man” nemen mannen wel al eens een taak meer op zich dan vroeger maar geef toe, het evenwicht is nog steeds ver te zoeken.
Dat is nu eenmaal zo, het is maatschappelijk zo bepaald en daarmee is alles gezegd. Een goeie vrouw doet nog steeds wat die eeuwenoude ongeschreven wet haar voorschrijft, en daarover valt niet te zagen. Vooral niet zagen.
Als een man gaat samenwonen en later trouwt en een gezin sticht, wat verwacht hij dan? Hij gaat er zonder nadenken vanuit dat zijn allerliefste de taken van zijn eigen moeder overneemt. Ze moet een perfecte mama zijn voor de kindjes, daar is ze immers voor in de wieg gelegd. Bovendien moet ze zichzelf mooi maken, soigneren en scheren en op haar lijn letten zodat hij ermee buiten kan komen. En ze moet gewillig en goed zijn in bed en hem veel aandacht, bevestiging en liefde geven, zoals een geweldige minnares.
Hoemeer ik erover nadenk hoemeer ik ervan overtuigd ben dat ik niet compatibel ben met een man. Ik ben zo geen doorsnee vrouw die deze ongeschreven maatschappelijke en cultureel vastgelegde wetten naleeft. Ik laat me niet leven, ik ben daar niet goed in. Ik heb geen bal aan dat conservatieve patroon van moeder de vrouw.
Gezien mijn afschuw voor dat opgedrongen rollenpatroon lijkt het er sterk op dat alleen blijven voor mij het beste is. Tenzij er werkelijk een man bestaat die er net zo over denkt als ik. Die er zich ook niet in kan vinden om die bekrompen levensstijl te volgen. En tenzij hij single is. En tenzij we elkaar tegenkomen. En tenzij we elkaar aardig vinden. En tenzij we smoor worden op elkaar. En tenzij… en tenzij…
Of zou een LAT-relatie misschien een optie zijn? Eventueel?