Gisteren een fijne avond gehad, samen met smurf.
Met een kliekje vrienden gingen we naar Het Ukulogisch Museum.
Het is geen echt museum waar je naartoe moet om dingen te gaan bekijken, maar een rondreizend trio dat de ukulele, de kleinste telg van de gitarenfamilie, op een ludieke en grappige wijze demonstreert en bespeelt.
Eén van de drie conservatoren zal je wel kennen: Jan De Smet, bekend van De Nieuwe Snaar. Zijn 2 companen zijn Peter Van Eyck en Luk Tegenbos.
De drie hebben reeds een enorm uitgebreide collectie (zelf-)gebouwde ukelele-varianten. De foto hierboven toont er al een paar.
Met al die instrumentjes gaan ze dan met veel enthousiasme aan de slag.
Tussen de liedjes door, welke ze prachtig brengen met veel mimiek en muzikaal vakmanschap, wordt de geschiedenis van de ukelele vertelt op een bijzonder grappige en soms hilarische manier.
Zo begonnen ze met het tonen vam een paar uitgestorven exemplaren zoals de Mummielele of de Bronzelele.
Mooi omkaderd met een grappige uitleg demonstreerden ze verder de Passe-vitelele, de Telelele, de Violele of de Dokalele en de siameselele (2 ukulele’s aan elkaar gezet), de DJ-lele (met ingebouwde platenspeler), de Assortilele (in exact dezelfde kleur van hun kostuum), de Chineselele (een geel geverfde) of de Gestolen-lele (een lege koffer). Het zijn er echt te veel om op te noemen.
Ik nam smurf mee want ik wist dat er nog kinderen zouden zijn en ik had een vermoeden dat hij het ook wel grappig en plezant zou vinden.
En ik heb goed gedacht. Hij vond het ferm. Vooral ook nadien, als het gedaan was.
Na het optreden bleven we met onze vrienden nog wat drinken terwijl het trio van het museum al hun instrumenten in koffers staken en hun museum opplooiden. Via de trap waar wij zaten brachten ze hun gerief naar hun camionette.
Smurf is een sociaal dier en begon al rap een praatje met die mannen. Behulpzaam als hij is moet hij hen gevraagd hebben of hij mocht helpen inladen. Ineens zie ik hem, geladen met de Stoelelele en de Contrabaselele op zijn rug, de trap afgaan. En plezier dat hij had, en fier dat hij met die 3 mannen mocht samenwerken. Ook de kinderen van mijn vrienden hielpen dragen en sleuren.
Nadat de kinderen het drietal had uitgewuifd liepen ze gillend naar ons toe met een kaart en een sticker in hun hand. Die hadden ze nog gauw van hen gekregen, gesigneerd en al.
“Voor Matthias, van Het UkuMu, van Jan De Smet, Peter Van Eyck en Luk Tegenbos”
Dit was voor klein en groot een zeer geslaagde avond, je mag gerust zijn.
‘t is ook voor jullie de moeite waard om eens mee te pikken als je kan.
Zeer te pruimen voor iedereen tussen 7 en 77 jaar.
18 mei 2008 at 9:13 pm
Heeft Jan De Smet ook weer het Belgische volkslied gespeeld in Hawaïaanse vertaling? Ik zag hem overlaatst met zijn rariteitencabinet, dat was het zien en besluisteren ook waard.
En dan eens iets anders, ik lees in mijn feeds allerlei teksten van jou die het scherm niet halen. Ben je nog steeds op de sukkel?
19 mei 2008 at 11:34 am
@ zapnimf
Jan DS en Co. hebben inderdaad de Hawaïaanse Brabanconne gespeeld. Heel erg knap en grappig.
Ik ben idd nog steeds op de sukkel, ondanks het doorlichten van mij PC door een specialist. Volgens hem en anderen scheelt er totaal niets met mijn PC dus moeten we een andere piste gaan volgen.
Intussen blijf ik schrijven, er blijven er toch wel altijd een paar staan.
19 mei 2008 at 7:18 pm
Dat moet de moeite zijn geweest en ook voor die kleine mannen.
Jan DS heb ik al bezig gezien met De Nieuwe Snaar. Zeer sympathieke kerel.
19 mei 2008 at 9:08 pm
@ Micheleeuw
Yep, dat is hij ook, heel erg sympathiek, een gewone volksmens zonder streken.